Categorieën
Nieuws

Strange fruits

Aloha, vrienden van bos- en bomen  Ik hoop dat jullie een fijne maandag hebben. Vandaag heb ik de auto laten staan. Na de Hoekse bosjes met de metro naar de Blaak en dan op zo’n elektrische scooter naar de zaak. Onderweg luisteren naar de OVT-podcast van gisteren. Het geschiedenis uurtje van NPO1 had het over Billy Holiday en draaide het nummer Strange fruits.


Southern trees bear a strange fruit
. Blood on the leaves and blood at the root
Black bodies swingin’ in the Southern breeze
Strange fruit hangin’ from the poplar trees.

Poplar trees.

Dat zijn populieren. 

Behalve de Hollandse ijle pluimen zijn er soorten met zware uitweidende takken, dik genoeg om iemand in op te hangen. De metro, de kale velden, bij Vlaardingen het eerste bosplantsoen. Op elke stam een stip. Geblest heet dat, ik denk bij ‘blessing’ aan wijwater en niet een kettingzaag. Zoals Billy’s poplar trees iets anders aan hun takken verwachtten dan in de wind draaiende doden. 

Billy was een activist, zegt de radio. Misschien ben ik ook activist geworden door te bosbadden. Loop je dat op van gastvrije eiken en eenkennige beuken, van zachte sequoia’s en prikgraage duindoorn. Van opgetopte kruinen, geamputeerde takken en uitgehongerde straatbomen, van verdwenen landmarks, kale dijken en schaduwloze weilanden. Als ik het niet zeg, doet niemand het, als ik het niet stop, gaat het door en tenzij ik iets doe zal het tij niet keren.

In de verbinding met de natuurlijke wereld is het besef besloten dat de natuur lijdt. dat kom je tegen met bosbaden, onvermijdelijk. Je vraagt je af: Welk recht hebben die mannen om koeltjes rode stippen te zetten? Wie komt er op voor de bomen die nog niet weten van hun lot? Wie gaf ons het recht om vanzelfsprekend te misbruiken en uit te buiten. Al is het ‘maar’ de natuur en niet dieren en mensen?

“Waar eindigt het?” vraagt iemand op facebook als ik een opmerking maak over het aftappen van de levenssappen van esdoorn. “Als je zo denkt, wat kun je dan nog eten en drinken zonder te exploiteren?”  Dat weet ik niet, maar we kunnen het proberen.

Wij kunnen met een open hart het bos ingaan, de natuurlijke wereld zien en voelen. De kalmte, de tekenen van de tijd en de vreugde van het moment waarnemen. We kunnen de antwoorden daar zoeken waar ze liggen. En we kunnen populieren planten, hen beschermen en herdenken om niet te vergeten, nooit te vergeten.